Loowaard (Duiven)
Op deze pagina vindt u
informatie over Loowaard.
| Ligging | Bij het dorp Het Loo, op een terp buitendijks in de uiterwaarden. |
| Ontstaan | Jan van den Loo was in 1467 de bezitter. |
| Geschiedenis | Er is relatief
weinig over dit huis bekend, maar dat treffen we meer aan in de Liemers
als gevolg van het feit dat deze streek vroeger Kleefs was en de
archivalia in Düsseldorf opgeborgen liggen. Het huis dankt zijn naam aan het geslacht Van den Loo, dat op een waard aan de Rijn een huis bouwde. Jan van den Loo was in 1467 de bezitter, maar woonde op het huis Enghuizen te Zevenaar, dat in de Tweede Wereldoorlog verwoest werd. Bij een erfdeling kwam het goed in 1558 aan Johan's achterkleinkind Herman, echtgenoot van Digna van Isendoorn en zij hebben dit huis in 1565 laten bouwen of ingrijpend laten verbouwen, aan welk feit twee sterk verweerde stenen in de toren herinneren. De ene is een alliantiewapen in een rijke renaissanceomlijsting, de andere is daaronder aangebracht en bevat het opschrift <Herma va d Lo / m.d.ccccclx...>, voor zover dit nog te ontcijferen is. Herman overleed in 1569 en het goed moet overgegaan zijn op de dochter van zijn broer Wessel. Dat was Elisabeth, gehuwd met Peter van Oldenbockum. Hun dochter Gertrud trad in het huwelijk met Antony van Aeswyn. De Loowaard werd niet door de eigenaren bewoond; ze woonden vrijwel allemaal op Enghuizen en de Loowaard werd verpacht. In de Kleefse Ridderschap wordt Antony genoemd als "Herr zu Enghauss und Lohe aufgen Warth". Na Antony's dood gaat het goed over op andere erven van Wessel en Herman van de Loo of Loe, en wel door huwelijk van Wessela van de Loe, echtgenote van Gisbert von Bodelschwingh. We mogen veronderstellen, dat pas na de dood van Van Aeswyn de erfenis geregeld is. Ceduls der Kleefse Ridderschap vermelden niet alleen Van Aeswyn, maar ook "erfgenamen van Oldenbockum". De Freiherren, later graven von Bodelschwingh hebben er ook nimmer gewoond, dat deden zij op hun stamslot Bodelschwingh bij Dortmund. De Loowaard was uitstekend geschikt om als onderpand te dienen en dat is ook meermalen gebeurd. De Von Bodelschwingh's stierven in 1720 uit en erfgenaam was een Freiherr von Plettenberg-Heeren, die zich voortaan Von Bodelschwingh-Plettenberg zou gaan noemen. Okk deze Von Bodelschwingh's stierven uit en wel in het begin van de twintigste eeuw en het goed vererft op een Freiherr Zu Innhausen und Kniphausen, kortweg Zu Inn- und Kniphausen. Hij maakte dankbaar gebruik van zijn erfenis, want toen na de Eerste Wereld Oorlog het inflatiespook in Duistland de kop opstak, kon hij zich harde valuta verschaffen door verkoop van het goed aan de pachter Van Sadelhoff. De Van Sadelhoff's boerden, hoewel niet ononderbroken, al vanaf 1742 op de Loowaard en zijn tot 2003 eigenaar gebleven, thans is het eigendom van de familie Van Aalst. Op een tekening uit 1742 blijkt dat het achterhuis toen al vervangen was door een boerderijgedeelte. Het hoge voorhuis met de duivengaten in de gevels moet een deel van de oude havezathe zijn, of is het misschien helemaal. De toren is uit een andere baksteensoort opgetrokken dan het huis en alles wijst er op dat hij later tegen het huis is aangebouwd. In de nacht van 1 op 2 december 1770 om 1 uur brak de dijk door bij de Oliemolen te Ooij. Men liet alarm blazen en de klokken luiden, zodat velen hun veulens nog uit de wide konden halen en de keldervoorraad naar boven konden brengen. Veel mensen waren op hun dak gevlucht waaronder ook een gezin met drie kinderen. Zij hadden meer dan dertig uur lang zonder eten of drinken, ten prooi aan koude en vertwijfeling, op het rieten dak van wat eens hun huis was, rondgedobberd. Het gezin werd gered door de bewoner van de havezate Loowaard, Lambertus Fontein, gelieerd aan de van Sadelhofs. De volgende dag brak onverwacht de dijk van het nabij gelegen dorp Loo door, waardoor het halve dorp geruïneerd was. De Loowaard verkeert jammer genoeg in een verregaande staat van verval. Het dak van de toren is weggerot en de bekroning van de Gelderse gevels aan de rivierzijde is sterk verweerd. Laten we hopen dat er ook voor dit huis weer betere tijden aanbreken. |
| Eigenaar/Bewoners | Familie Van Aalst |
| Huidige doeleinden | Privé bewoning. |
| Toegankelijk | Het huis en directe omgeving zijn niet toegankelijk voor het publiek. |
| Foto's | Foto
1 (eigen collectie) Zijaanzicht van de voorzijde Foto 2 (eigen collectie) Zicht op de traptoren Foto 3 (onbekende donateur) olieverfschilderij fijnschilder Ton van Hulst naar Jan de Beijer, 1742 |
| Bronnen | Jan Harenberg - "Eens bolwerk van de adel,
kastelen en landhuizen in de Achterhoek en Liemers" Allert de Lange - Gids voor "De Nederlandse Kastelen en Buitenplaatsen" |